WAARNEMINGEN - GESPREKKEN - BEVINDINGEN

open ateliers 23 oktober 2016 veeartsenijschool
working on the thing: lore smolders & laura van /croxhapox/
txt : laura van
performers : arnaud, conrad, daniëlle, godart, laura, lore, marta, samira

JUANAN
4 oktober
namiddag

De kamer van Juanan is op het gelijkvloers. Iets te krap voor kameel en dromedaris, een olifant zou er al helemaal niet binnen kunnen, een giraf evenmin, laatstgenoemde exotica in hoofdzaak vanwege het lage plafond, is de kleine, knusse ruimte – waar ze ooit, stel ik me voor, konijnen, Zuid-Amerikaanse dwergkikkers en Cricetidae bestudeerden – net voldoende groot voor iemand die politiek geïnspireerd werk maakt, veel tijd aan tafel doorbrengt waar hij over dikke folianten gebogen zit en zich tot kleinere formaten beperkt. Het is een opvallend propere en keurig ingerichte plek, op het eerste zicht zonder sporen van vulkanische activiteit - geen stofwolken en kabels en troep zoals in de zich op de eerste verdieping bevindende werkplaats van Eddy, geen naaimachines en theekopjes en extravagante, als tapijten opgerolde doeken en bric-à-brac waar de blik springerig over uitglijdt, geen grote hoeveelheden werk bovendien. Na het betreden van de als een wachtkamer ingerichte werkplaats is er op het meubilair na – een lage tafel waar je brochures en tijdschriften verwachten zou, een boekenkast met catalogi van Tuymans en Borremans, een fauteuil dat me om wellicht iets te voor de hand liggende reden aan films van Almodovar doet denken, een kastje en een tafel vlak voor het raam waaronder dozen en dingen gestapeld werden – slechts één werk dat als zodanig opvalt, een relatief groot werk, een schilderij met een allegorische nature morte, wat deel uitmaakte van de expo bij Cecilia Jaime. Die expo is net afgelopen en de niet verkochte werken heeft Juanan er nog weg te halen.

Het gesprek komt op een werk dat Il Giovannino als uitgangspunt heeft, een werk van Michelangelo dat zich in Ubeda bevindt, waar Juanan vandaan komt.
Het marmeren beeld, een portret van de jonge Johannes de Doper, werd vernietigd tijdens de Spaanse burgeroorlog en recent volledig gerestaureerd.
Breng op Google El Juanino, Michelangelo en Ubeda in en de eerste entry is die van Lorena Muñoz-Alonso, van 31 maart 2015: PRADO REVEALS NEWLY RESTORED MICHELANGELO SCULPTURE DESTROYED DURING SPANISH CIVIL WAR: After 19 years of restoration work, Michelangelo’s Young Saint John the Baptist (1495-96) has gone on display today at the Museo del Prado./ The sculpture, Spain’s only Michelangelo, was destroyed during the Civil War (1936-39) at the Chapel of the Savior of Ubeda, in Andalusia, where it was first put on display back in the 16th century./ The sculpture was not only hammered to pieces, but its head was also burnt. According to El Pais, the damage was most likely caused by the anarchist fraction./ /
Aan de restauratie van Il Giovannino is een lijvig volume gewijd, een verrassend gedetailleerde publicatie waarop Juanan zich baseerde voor een aantal in grisaille uitgevoerde werken.

Ubeda bevindt zich in een noordoostelijke regio van Andalusië, oostelijk van Cordoba en Jaen, Jaen waar in 1936 Garcia Federico Lorca voor een vuurpeleton om het leven kwam. Iemand vertelde me dat de streek rond Jaen ook nu nog als uiterst rechts bekend staat en een bolwerk van de troepen van Franco was, wat zich na de dood van Franco in 1975 groepeerde tot wat tegenwoordig als de Partido Nacional bekend staat, een partij die ook na 1975 de Spaanse politiek bleef domineren.

Voor Juanan biedt Il Giovannino een helder aanknopingspunt, net omdat hij met de historiek van Il Giovannino opgroeide, het tot gruzelementen herleide beeld van Michelangelo dat zich tot 1996 in de collectie van de Medinaceli Foundation bevond, voor het in Firenze terechtkwam waar het gerestaureerd werd. In zijn praktijk focust Juanan, misschien ook net wel omdat hij in Ubeda geboren werd, op het verwoestende impact van conflicten en oorlogen. Palmyra is een recent voorbeeld.

Er is een reeks portretten van Rode Khmers, gezichten die hij grotendeels wegkraste en onzichtbaar maakte. De misdadigers worden vernietigd, uitgewist.
Hij brengt het Latijnse begrip damnatio memoriae te berde, wat letterlijk ‘vervloeking van de nagedachtenis’ betekent, een straf waarbij alles wat betrekking had op de persoon in kwestie vernietigd werd tot niets overbleef dat naar de veroordeelde verwijzen kon. Of zoals op Wikipedia te lezen is: het onteren van een dode door het wegnemen van de herinnering aan die persoon uit de collectieve herinnering. De Romeinse staat kon deze maatregel gebruiken tegen verraders of afvalligen. De beruchtste voorbeelden zijn Caligula en Nero. (wat aangeeft dat het damnatio memoriae niet altijd het gewenste resultaat had)
Het terreurbewind van Stalin biedt een modern voorbeeld van het concept: het verwijderen van portretten, boeken en andere sporen van alle tegenstanders van Stalin.

Op een kasseisteen bracht Juanan de cover van Masa y poder aan, een Spaanse editie van Masse und Macht van Elias Canetti.

Een ander werk beperkt zich tot een ogenschijnlijk zwart vlak waarop bij nader toezien de zin mirar lo que cuesta mirar aangebracht werd.